Thaumatine (E957)

De zoetkracht van thaumatine is ongeveer twee- tot drieduizend keer groter dan die van suiker (sacharose). De smaak, en meer in het bijzonder het aanhouden van die smaak, verschilt van die van suiker. Thaumatine wordt dan ook vaker gebruikt als smaakversterker.

thaumatine

Thaumatine is een mengeling van eiwitten die oorspronkelijk wordt geïsoleerd uit de vrucht van de katemfe (Thaumatococcus daniellii), een boom die in tropische bossen in Afrika groeit. Twee eiwitten in het bijzonder (thaumatine I en II) zijn verantwoordelijk voor de zoete smaak. De commerciële extractie van thaumatine uit het fruit begon in de jaren zeventig. De sequentiebepaling van de twee voornaamste eiwitten (thaumatine I en II) werd voltooid in 1990. Thaumatine is onschadelijk voor de tanden.

Veiligheid en gezondheid

De veiligheid van thaumatine werd in Europa geëvalueerd door het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding (SCF) in 1985, en op internationaal niveau door het Joint FAO/WHO Expert Committee on Food Additives (JECFA) in 1986 (1). Als zoetstof is 1 tot 5 milligram van de stof toegestaan per kilogram voedsel. Er is echter geen grenswaarde vastgelegd voor het gebruik als smaakversterker.

ADI

Er is geen ADI bepaald. Aangezien thaumatine een eiwit is, wordt het op dezelfde manier verteerd als de eiwitten die van nature in voeding zitten. De afvalproducten van de vertering zijn precies hetzelfde als die van andere voedingseiwitten.

In welke voedingsmiddelen?

Thaumatine is toegestaan als zoetstof en smaakversterker in kauwgom, dranken en desserts. In 2015 stelde de EFSA voor om het gebruik uit te breiden naar de gearomatiseerde dranken: volgens de organisatie was de veiligheidsmarge zeer groot en zou dat geen veiligheidsproblemen opleveren.

Gebruiksmogelijkheden

Thaumatine is zeer goed oplosbaar in water. De stof is stabiel bij warmte in een zure omgeving, maar instabiel in een alkalische omgeving. Afhankelijk van de pH van het product waaraan de stof wordt toegevoegd, kan deze al dan niet behandelingen ondergaan, zoals UHT-sterilisatie (Ultrahoge Temperatuur), pasteurisatie, koken of extrusie.

(1) JECFA, 1986. Evaluation of certain food additives and contaminants. Twenty-ninth report of the Joint FAO/WHO Expert Committee on Food Additives. World Health Organization. Technical Report Series 733