DOE DE TEST!

Zin in zoet en aspartaam. Compatibel?

We hebben een aangeboren voorkeur voor zoet. Wie veel gesuikerde producten eet, loopt echter het gevaar om te veel calorieën binnen te krijgen. Zoetstoffen zijn een alternatief, maar aan hun consumptie kleeft een aantal vooroordelen. Uitleg!

‘Toothy’, een kleine mascotte ontwikkeld door FACTfollowers, legt ons in een pedagogisch filmpje uit waarom zoetstoffen belangrijk kunnen zijn voor zoetekauwen.

Centraal in het filmpje staat aspartaam, waarvan de effecten en de veiligheid op zeer heldere manier worden uitgelegd. Beelden werken snel en doeltreffend, en zeggen vaak meer dan een lange uitleg …

 

Lightfrisdrank opnieuw geviseerd

Lightfrisdrank en dementie: is er een verband? Het resultaat van een alarmerende studie ontleed…

Een Amerikaanse studie wees onlangs uit dat lightfrisdranken ‘nog slechter’ zouden zijn dan hun gesuikerde tegenhangers, omdat ze in verband worden gebracht met een verhoogd risico op beroertes en dementie. Ook al gaat het hier louter om een observationele studie, en is er dus geen causaal verband tussen oorzaak en gevolg, toch is de studie volgens bepaalde media alarmerend. Andere media leggen echter uit waarom er geen reden is tot paniek.

De reikwijdte van de studie wordt ook genuanceerd door de International Sweeteners Association (ISA). Er is geen enkel causaal verband tussen het drinken van lightfrisdrank en dementie of het krijgen van beroertes noch werd er een mechanisme vastgesteld dat dit verband zou kunnen aantonen.

Mocktail van grapefruit, komkommer en rozemarijn

Dit verkwikkende elixir van onze culinaire blogster ‘Everyday Marta’ is een absolute aanrader, én een uitstekende bron van antioxidanten. Het drankje bevat geen suiker: de zoetstof verzacht de zuurbittere smaak!

Ingrediënten (voor 2 personen)

  • 200 ml spuitwater
  • Het sap van 1/2 grapefruit
  • 6 cm komkommer
  • 2 takjes rozemarijn (+2 voor garnering)
  • 2 tabletjes aspartaam
  • 50 ml water

Bereiding

Was de rozemarijntakjes en snijd ze grof. Doe de rozemarijn in een kom. Warm het water in een kleine pot op tot tegen het kookpunt. Haal de pot van het vuur en voeg de zoetstof toe. Roer totdat de zoetstof volledig opgelost is. Giet de hete siroop over de rozemarijn en laat ze onder een deksel afkoelen. Zeef de siroop om de rozemarijn eruit te verwijderen.

Pel de komkommer en snijd ze in stukjes. In een shaker, mix sap van grapefruit, komkommerblokjes en rozemarijnsiroop. Giet door een zeef in met ijsblokken gevulde glazen. Voeg spuitwater toe. Werk af met een takje rozemarijn.

Wat betekent het woord ‘natuurlijk’?

Veel consumenten zijn tegenwoordig op zoek naar natuurlijke producten. Maar wat betekent die term ‘natuurlijk’ in feite? De wetgeving is verre van duidelijk. Een stand van zaken met advocaat Grégory Sorreaux, die gespecialiseerd is in levensmiddelenrecht.

Steeds vaker zien we de term ‘natuurlijk’ opduiken, die vaak wordt beschouwd als een garantie voor beter, betrouwbaar en veilig. Toch is de natuurlijke of kunstmatige oorsprong van een stof op zich geen argument om deze veilig of superieur te bevinden. Zo zijn de evaluatieprocedures voor de veiligheid en de goedkeuring voor het op de markt brengen van zoetstoffen van natuurlijke oorsprong strikt hetzelfde als die voor kunstmatige zoetstoffen. Maar wat betekent het woord ‘natuurlijk’ vanuit het standpunt van de wetgeving? Grégory Sorreaux, advocaat bij de balie van Brussel en auteur van een naslagwerk over levensmiddelenrecht, werpt licht op de zaak.

Slechts in 3 gevallen duidelijk gereglementeerd

In feite is de term ‘natuurlijk’ slechts in 3 gevallen duidelijk gereglementeerd: natuurlijke aroma’s (bijvoorbeeld vanilline gewonnen uit vanillestokjes, in tegenstelling tot synthetische vanilline), natuurlijk mineraalwater (dat van nature zuiver is, in tegenstelling tot behandeld water) en als vermelding in voedingsclaims (bijvoorbeeld sap dat van nature rijk is aan vitamine C). Voor alle andere gevallen is de situatie in de Europese levensmiddelenwetgeving ronduit onduidelijk.

Legaal of niet?

Vroeger had je de nationale wetgeving van 1980 betreffende de reclame voor voedingsmiddelen. Die preciseerde dat de term ‘natuurlijk’ niet mocht worden gebruikt als het product een of meerdere additieven of aantoonbare hoeveelheden pesticidenresten bevatte, of geraffineerd was. In 2012 werd die bepaling echter herroepen. Momenteel preciseert een artikel dat de Minister van Volksgezondheid kan bepalen onder welke voorwaarden de vermeldingen ‘natuurlijk’ en ‘puur’ mogen worden gebruikt. De minister heeft die mogelijkheid evenwel nog niet gebruikt.

Aangezien er dus niet echt een precieze wetgeving voorhanden is op dit gebied (afgezien van de eerder vermelde specifieke gevallen) zal vooral het algemene kader van de wetgeving bepalen of het gebruik van de term ‘natuurlijk’ al dan niet legaal is – namelijk dat de informatie eerlijk moet zijn en niet mag misleiden. “Uiteindelijk moet je vooral rekening houden met de algemene indruk die de vermelding ‘natuurlijk’ oproept bij de gewone, gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende consument”, aldus Grégory Sorreaux.

Niet simpel dus, maar één ding is zeker: nog los van het feit of de term wettelijk mag worden gebruikt of niet, de term ‘natuurlijk’ is op zich geen garantie voor kwaliteit of veiligheid!

Referentie
Sorreaux G. Publicité et étiquetage des denrées alimentaires. Editions Larcier. 2016. ISBN 978-2-8044-8235-0

Meer smaak met kleine hoeveelheden

Intensieve zoetstoffen hebben een hele sterke zoetkracht, vaak minstens 200 keer zoeter dan suiker. Daardoor hoeft er maar heel weinig van gebruikt te worden en leveren ze een verwaarloosbare hoeveelheid calorieën (= energie). Ze worden streng gecontroleerd en kunnen veilig worden gebruikt. Sommige zijn synthetisch, andere natuurlijk. Ontdek deze grote familie !

Zo intens dat ze geen calorieën bevatten

Om varianten van dranken en desserts zonder suiker en zonder toegevoegde suiker een zoete smaak te geven worden ter vervanging van suiker vaak laagcalorische zoetstoffen gebruikt. Sommige zoetstoffen zijn ook los verkrijgbaar als ‘tabletjes’ of tafelzoetstof. Een aantal intensieve zoetstoffen wordt niet door het lichaam verteerd. Zij verlaten het lichaam onveranderd via de ontlasting en de urine en leveren helemaal geen calorieën.

Waarom worden intensieve zoetstoffen gecombineerd?

Voor een betere smaak worden in voedingsmiddelen en dranken vaak combinaties van zoetstoffen gebruikt. Bovendien versterken bepaalde zoetstoffen elkaars zoetheid, waardoor er nóg minder van nodig is. Voorbeelden van veelgebruikte laagcalorische zoetstoffen zijn acesulfaam, aspartaamcyclamaatsacharine, stevia en sucralose. Maar er zijn er nog meer, elk met hun eigen specifieke eigenschappen. Op het etiket van een product gezoet met zoetstoffen wordt altijd vermeld welke stoffen zijn gebruikt. Sommige zoetstoffen worden rechtstreeks gewonnen uit planten of vruchten (bv. steviolglycosiden voor stevia). Andere worden door de mens samengesteld. Voordat een zoetstof wordt goedgekeurd, moet er uitgebreid wetenschappelijk onderzoek gebeuren naar de veiligheidsaspecten van de stof.

Hoe weet je welke hoeveelheid veilig is?

De ADI of ‘Aanvaardbare Dagelijkse Inname’ is de hoeveelheid die wordt gebruikt om aan te geven hoeveel van een stof een leven lang dagelijks kan worden geconsumeerd zonder dat er gezondheidsproblemen optreden. De ADI is vastgesteld voor alle laagcalorische zoetstoffen. Zelfs bij veelgebruikers van producten met laagcalorische zoetstoffen ligt de consumptie doorgaans ruim beneden de ADI. Met behulp van de ‘zoetstoffencheck’ op deze website kun je per zoetstof nagaan of je verbruik onder de ADI blijft. Meer weten? Doe de test en lees de toelichting.

Andere zoetstoffen

Sommige zoetstoffen zijn momenteel niet toegelaten in de Europese Unie, maar wel in andere landen. Dat is het geval voor miraculine en een extract van Monkfruit.

De essentie over aspartaam

Hoeveel aspartaam consumeert men in België? Hoeveel mag men er in alle veiligheid van verbruiken? Hoeveel aspartaam neemt een volwassen vrouw of een kind van 10 jaar met een herkenbaar voedingspatroon zoal in per dag? Kijk het na in de nieuwe infografiek over deze zoetstof.

Lees meer

Alles wat u moet weten over polyolen

Polyolen zijn zogenaamde vul- of bulkzoetstoffen. Ze worden industrieel aangemaakt, maar zijn in kleine hoeveelheden ook van nature aanwezig in diverse fruit- en groentesoorten, zoals lijsterbessen of champignons. Hun zoetkracht bedraagt 0,4 tot 1 keer die van gewone suiker of sacharose. Ze leveren calorieën, maar weet je waarom?

Polyolen : verteerbare zoetstoffen

Polyolen zijn een afzonderlijke zoetstoffengroep. Het zijn koolhydraten die in geringe mate verteerbaar zijn. Ze worden niet gemetaboliseerd en gedeeltelijk opgenomen door de dunne darm. Verder in de darm fermenteren de bacteriën in de dikke darm het gedeelte niet-opgenomen polyolen. Dat verklaart waarom ze energie leveren aan het lichaam. Ze bevatten echter minder calorieën dan suikers (2,4 vs. 4 kcal/g), met een bijzondere vermelding voor erythritol, de enige polyol die geen caloriewaarde heeft.

Geen impact op de tanden en diabetes

Polyolen doen de bloedsuikerspiegel niet stijgen bij diabetes en veroorzaken geen cariës. De EAV (Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid) heeft voor polyolen voedingsclaims goedgekeurd met betrekking tot het behoud van tandmineralisatie (door tanddemineralisatie te verminderen) en een verlaging van de glycemische respons na een maaltijd. De meeste polyolen hebben een ‘niet-gespecificeerde’ Aanvaardbare Dagelijkse Inname (ADI). Na diverse evaluaties van de veiligheid hebben deskundigen van het Gezamenlijk Comité voor Levensmiddelenadditieven van de FAO en de WGO (JECFA) besloten dat polyolen veilig zijn voor de gezondheid van de mens, en dat een ADI-beperking niet nodig was.

Een overmatige consumptie kan laxerend zijn

Polyolen worden gebruikt als zoetstof, maar ook ingezet voor talloze andere technologische doeleinden, bijvoorbeeld als emulgator, stabilisator, bevochtigingsmiddel, verdikkingsmiddel en textuurmiddel. Levensmiddelen met polyolen moeten verplicht de volgende vermelding bevatten: ‘Overmatig gebruik kan een laxerend effect hebben’. Tot deze familie behoren erythritol, isomalt, lactitol, maltitol, sorbitol en xylitol.

Koken met tagatose

Tagatose is geen polyol, maar net als de polyolen een vul- of bulkzoetstof die calorieën bevat. Tagatose is zeer populair in de keuken, want het kan zowel koud als warm worden gebruikt. Tagatose is warmtebestendig en karamelliseert sneller dan gewone suiker. De stof wordt doorgaans gecombineerd met andere zoetstoffen tot een poeder dat suiker kan vervangen in tal van zoete en hartige gerechten. De smaak ligt zeer dicht bij die van gewone suiker. Meer info over tagatose vind je in onze infografiek.

De waarheid over natuurlijke suikers

‘Trendy suikers’ zijn suikers die momenteel populair zijn als vervanger van klassieke witte suiker. Ook Stevia valt hieronder, hoewel dat eigenlijk geen suiker is. Deze suikers worden heel wat gezonder geacht dan gewone suiker. Terecht of onterecht? Ontdek onze analyse!

Lees meer

Muffins met bosbessen

Net zoals met suiker kan je de zoetstof op basis van stevia verder ook perfect gebruiken tijdens het bakken van koekjes, taarten of cakes. Daarom hebben we er hier alvast een heerlijk recept toegevoegd: muffins met bosbessen. Zeker het proberen waard!

Lees meer

De waarheid over natuurlijke suikers

‘Trendy suikers’ zijn suikers die momenteel populair zijn als vervanger van klassieke witte suiker. Ook Stevia valt hieronder, hoewel dat eigenlijk geen suiker is. Deze suikers worden heel wat gezonder geacht dan gewone suiker. Terecht of onterecht? Ontdek onze analyse!

Natuurlijke “trendy” suiker… blijft suiker !

In ons lichaam worden alle suikers, ongeacht hun herkomst en of ze nu bio zijn of minder geraffineerd, uiteindelijk omgezet in één en dezelfde suiker (glucose), die als brandstof voor ons lichaam dient. Bovendien leveren alle suikers dezelfde hoeveelheid energie, namelijk 4 kcal per gram. Het onderscheid zit voornamelijk in de verhouding tussen de verschillende suikers die ze bevatten (glucose, fructose en sacharose), en dus in hun glycemische index, hun smaak, hun zoetkracht (als die hoog is, hoef je er minder van te gebruiken) en hun prijs.

Natuurlijke suikers zijn niet goed voor de tanden

In tegenstelling tot wat soms wordt beweerd, zijn deze suikers niet beter voor de tanden. Het is dus aangewezen om ze met mate te gebruiken en je te informeren over het uiteindelijke suiker- en caloriegehalte van de producten waar ze in zitten. Tot deze categorie behoren agavesiroop, graanstroop, rapadura, honing, stevia, ahornsiroop, dadelstroop en kokossuiker. Alles wat je moet onthouden over trendy suikers, vind je in deze infografiek.

Nu kunt u het verschil weten tussen suiker en suikers

Het is niet altijd makkelijk om te achterhalen hoeveel suiker we precies eten. Er bestaan namelijk verschillende soorten suikers, meer bepaald sacharose (of tafelsuiker), glucose (de suiker die ons lichaam gebruikt), fructose (in fruit), lactose (melksuiker) en ga zo maar door. Hierdoor is het soms moeilijk om de inname van suikers onder controle te houden. Leer dus hoe ze te herkennen!

Lees meer

Waarom hebben we liever zoet?

Volgens Europese experten, die samenzaten op een recent ISA symposium, wordt onze voorkeur voor zoet beïnvloed door verschillende factoren, waarbij we een onderscheid kunnen maken tussen ‘zin in’ en ‘behoefte aan’.

Lees meer

Nu kunt u het verschil weten tussen suiker en suikers

Het is niet altijd makkelijk om te achterhalen hoeveel suiker we precies eten. Er bestaan namelijk verschillende soorten suikers, meer bepaald sacharose (of tafelsuiker), glucose (de suiker die ons lichaam gebruikt), fructose (in fruit), lactose (melksuiker) en ga zo maar door. Hierdoor is het soms moeilijk om de inname van suikers onder controle te houden. Leer dus hoe ze te herkennen!

Verborgen of  zichtbaar

‘Klassieke’ kristalsuiker wordt bekomen uit het sap van suikerbieten en kan ook worden vervaardigd op basis van suikerriet. Dit is de zichtbare suiker, in korrels, poeder of klontjes, die je zelf aan tafel of tijdens het koken toevoegt aan yoghurt, taart, drankjes (thee, koffie…) enz. Je hebt dus een duidelijk beeld van de hoeveelheid suiker of suikers die je inneemt.

Natuurlijk of toegevoegd

Suikers zijn ook van nature aanwezig in bepaalde producten. Dat is het geval voor lactose in melk of glucose, fructose en sacharose in fruit, honing enz. Daarnaast zitten in veel gewone producten ook toegevoegde suikers, zoals taart, zuiveldesserts, chocoladerepen, suikerwaren, gebak, chocolade, ijs, frisdrank en veel sausjes (ketchup, barbecuesaus enz.). Deze verborgen suikers zijn moeilijker te ontmaskeren. Op de etiketten van die levensmiddelen staat informatie over het totale suikergehalte en de calorieën per 100 gram en vaak ook per portie.

Alle suikers hebben dezelfde calorische waarde

Hoewel hun zoetkracht kan verschillen, leveren alle suikers dezelfde hoeveelheid energie: 4 kcal per gram. Ons lichaam kan deze energie gebruiken voor fysieke activiteiten of om te groeien, of het kan een energiereserve aanleggen door de suikers op te slaan in de vorm van vet, met een risico op overgewicht op lange of minder lange termijn.

WGO roept op om suikers nog verder te beperken

De Wereldgezondheidsorganisatie publiceert nieuwe aanbevelingen over vrije suikers, die worden gebruikt voor het zoeten van voedingswaren en dranken. In die context zijn laagcalorische zoetstoffen een waardevol hulpmiddel om te genieten van de voordelen die een beperkte consumptie van toegevoegde suikers heeft voor de gezondheid.

Lees meer

Wat zijn E-nummers eigenlijk?

Dit filmpje legt op goed onderbouwde manier uit wat E-nummers precies zijn. Over deze cijfercodes die worden toegekend aan voedseladditieven, doen heel wat broodjeaapverhalen de ronde.

Ze werden in 1979 ingevoerd in de Europese Unie en omvatten ingrediënten zoals kleurstoffen, antioxidanten, bewaarmiddelen en zoetstoffen. Ze worden toegevoegd aan producten om een eigenschap ervan te verbeteren, bijvoorbeeld de kleur, de smaak of de houdbaarheid.

Voordat een additief een E-nummer kan krijgen, ondergaat het een uitgebreide reeks veiligheidstests aan de hand van een wetenschappelijke studie. Pas als de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EAV) de onschadelijkheid van de stoffen garandeert, krijgen ze een E-nummer. E‑nummers behoren dan ook tot de best geanalyseerde stoffen in onze voeding.

Curry-kokosoep

Nu ook in video: een romige soep met subtiele Aziatische smaken bedacht door onze culinaire blogster Marta Majewska – Everyday Marta!

Ingrediënten (voor 4 personen)

  • 2 eetlepels olijfolie
  • 1 ui, gepeld en gesnipperd
  • 2 eetlepels gele currypoeder
  • 1/4 koffielepel chilipoeder
  • 1 eetlepel stevia
  • 1 eetlepel vissaus
  • 1 l bouillon
  • 200 ml kokosmelk
  • 2 wortels, gepeld en in stukken gesneden
  • 1 courgette, in stukken gesneden
  • 3 stengels citroengras
  • koriander en rode peper voor afwerking

Bereiding

Verhit olie in een pan. Voeg ui toe en bak op zacht vuur totdat het glazig wordt. Voeg currypoeder, chilipoeder, stevia en vissaus toe. Roer en bak nog 2 minuten. Giet bouillon in de pan. Voeg kokosmelk toe. Doe de wortels en de courgette in de pan. Voeg citroengras toe.

Breng aan de kook en laat de soep op middelhoog vuur 15 min koken totdat de groentjes gaar zijn. Haal citroengras uit de pan.

Schep de soep in kommen. Werk af met in ringetjes versneden rode peper en koriander.

Wat gebeurt er met laagcalorische zoetstoffen in ons lichaam?

Laagcalorische zoetstoffen hebben allemaal een zoete smaak, maar verschillen onderling onder meer doordat ze na de consumptie in ons lichaam een andere weg afleggen. Een review analyseert de manier waarop laagcalorische zoetstoffen worden gemetaboliseerd.

Inzicht in wat er gebeurt met de verschillende laagcalorische zoetstoffen in ons lichaam, is essentieel om de biologische effecten van die zoetstoffen te kunnen evalueren, en op basis daarvan hun gebruiksveiligheid te bepalen en garanderen. Het geeft bovendien een antwoord op de vraag wat er precies gebeurt met die laagcalorische zoetstoffen wanneer ze in ons lichaam terechtkomen. In hun artikel beschrijven Magnuson en zijn collega’s het traject van de 5 belangrijkste laagcalorische zoetstoffen (acesulfaam, aspartaam, steviolglycosiden, sacharine en sucralose) en de diepgaande studies die ze moeten ondergaan alvorens wettelijk te worden goedgekeurd.

Op basis van deze kennis kunnen we de Aanvaardbare Dagelijkse Inname vastleggen. De ADI zegt, uitgaand van het lichaamsgewicht van een persoon, hoeveel iemand levenslang dagelijks van een zoetstof mag consumeren zonder merkbaar risico voor de gezondheid. De berekende ADI voor zoetstoffen is een waarde die honderd keer lager ligt dan de dosis waarbij geen schadelijk effect wordt waargenomen (NOAEL) bij diermodellen. Autoriteiten wereldwijd hanteren die benadering al decennialang om de veiligheid van laagcalorische zoetstoffen te garanderen.

Zoetstoffen stapelen zich niet op in het lichaam

De laagcalorische zoetstoffen die we binnenkrijgen, worden niet opgeslagen in ons lichaam. Ons lichaam scheidt ze uit nadat ze al dan niet zijn omgezet, afhankelijk van hun type. De auteurs onderscheiden twee verschillende trajecten:

  • Een aantal laagcalorische zoetstoffen wordt niet verteerd of omgezet, en wordt dus snel uitgescheiden door ons lichaam. Dat geldt voor sacharine en acesulfaam-K, die worden uitgescheiden door de nieren (urine), en voor sucralose, dat niet wordt opgenomen en wordt uitgescheiden via de uitwerpselen.
  • Andere laagcalorische zoetstoffen worden tijdens de spijsvertering omgezet, waarna de ontstane producten worden opgenomen. Dat geldt voor aspartaam, waarvan de ontstane bestanddelen dezelfde zijn als die uit voeding (zoals aminozuren) en ook op dezelfde manier worden verwerkt door ons lichaam. Hetzelfde geldt voor steviolglycosiden, waarvan een gedeelte van de bestanddelen wordt opgenomen en vervolgens uitgescheiden via de urine. Het andere gedeelte wordt deels verteerd door de darmflora of darmmicrobiota.

De auteurs besluiten dat het essentieel is om de bestaande kennis over de opname, omzetting en uitscheiding van laagcalorische zoetstoffen in te zetten bij de aanpak van de controverse rond hun gebruik. Deze zoetstoffen zijn immers mogelijk nuttige hulpmiddelen bij diabetes en een teveel aan calorieën. Instellingen zoals de EFSA in Europa doen dat overigens al om de gebruiksveiligheid van laagcalorische zoetstoffen te garanderen.

Referentie
Magnuson B A et al. Nutrition Reviews, 2016, 74(11) :670-689.

Vragen over diabetes? Is een gezond gewicht een uitdaging? Of gewoon op zoek naar inspiratie om minder suiker te consumeren?