DOE DE TEST!

Zoetstoffen & gewicht:
houd rekening met het plateau-effect!

De effecten van caloriearme zoetstoffen op het gewicht moeten niet alleen worden bekeken vanuit het oogpunt van het aantal kilo’s dat wordt afgevallen, maar ook vanuit het oogpunt van het aantal kilo’s dat op lange termijn niet (opnieuw) wordt aangekomen. Dat legt Dr. France Bellisle, experte in eetgedrag, ons uit.

Door suiker te vervangen door caloriearme zoetstoffen kan de calorie-inname worden verminderd en kan een licht maar significant gewichtsverlies worden bereikt. Toch passen veel mensen deze verandering dagelijks toe zonder een merkbaar verschil op de weegschaal te zien. Waarom?

“Vanwege wat we het ‘plateau-effect’ noemen,” legt Dr. France Bellisle uit, experte in eetgedrag die al vele jaren onderzoek doet naar zoetstoffen.

Dit fenomeen doet zich voor bij elke energiebeperking, ook bij het gebruik van geneesmiddelen tegen obesitas. Het proces is altijd hetzelfde: in het begin valt men af, daarna vertraagt het gewichtsverlies totdat het stopt. Wanneer het gewicht niet meer daalt, is er sprake van het plateau-effect. En in de meeste gevallen volgt er daarna een gewichtstoename. Het doel bij het afvallen is vooral om het gewichtsverlies te behouden.

Zie interview France Bellisle

Het effect van zoetstoffen lijkt misschien onzichtbaar

“Dit plateau-effect is een belangrijke factor die verklaart waarom het zo moeilijk is om de langetermijneffecten van caloriearme zoetstoffen op het gewicht te bestuderen en aan te tonen,” legt France Bellisle uit. “Onderzoek op dit gebied toont aan dat zoetstoffen, wanneer ze de energie uit suikers vervangen, een gewichtsverlies van 1, 2, 3 kilo of zelfs meer mogelijk maken. Maar na een paar weken gebeurt er niets meer, omdat het plateau is bereikt. En dan zou je kunnen denken dat zoetstoffen geen nut meer hebben, maar toch… In werkelijkheid hebben ze wel degelijk een effect, maar dat is onzichtbaar: ze helpen om het gewichtsverlies te behouden. Dit effect zou namelijk alleen zichtbaar worden als de persoon zou stoppen met zoetstoffen en weer suiker zou gaan eten. Dat zou onvermijdelijk leiden tot gewichtstoename.”

De uitleg van France Bellisle

Wekken zoetstoffen de eetlust op?

Dit is een gerucht dat al lang de ronde doet en dat veel verwarring zaait over caloriearme zoetstoffen. Deze stoffen zouden een eetlustopwekkend effect hebben, waardoor je meer zou gaan eten dan wanneer je suiker zou gebruiken, dat ze juist zouden moeten vervangen. Het gevolg zou dan niet het beoogde gewichtsverlies zijn, maar juist gewichtstoename! Dit is een van de vele misvattingen die de ronde doen over caloriearme zoetstoffen. France Bellisle geeft uitleg over het ontstaan van wat inmiddels een grote mythe is geworden: “Dat werd veertig jaar geleden verondersteld, met als mechanisme de stimulering van de insulinesecretie.” Sindsdien is dit idee wereldwijd uitgebreid bestudeerd en de resultaten zijn heel duidelijk: er is geen toename van de voedselinname als gevolg van het gebruik van zoetstoffen.

De uitleg van France Bellisle

Stimuleren zoetstoffen de insulinesecretie?

Dit is ook een oude discussie die regelmatig weer opduikt. Caloriearme zoetstoffen zouden niet alleen een smaak hebben die lijkt op die van suiker, maar ook metabolische effecten hebben, zoals het op gang brengen van de insulinesecretie. Dat zou in strijd zijn met het beoogde doel, vooral voor mensen met diabetes, een aandoening die wordt gekenmerkt door een verstoorde insulinesecretie. Maar ook hier biedt uitgebreid onderzoek meer duidelijkheid. “Over het algemeen is er in de meeste gevallen geen sprake van insulinesecretie na het eten als gevolg van zoetstoffen,” legt France Bellisle uit. “Natuurlijk leidt het eten, met of zonder zoetstoffen, tot insulinesecretie, wat volkomen normaal is, maar de zoetstoffen in de maaltijd spelen daarbij geen specifieke rol.”

Zoetstoffen en insuline: het woord aan France Bellisle

Wie kiest voor lightdranken, eet minder calorieën

Het symposium van de International Sweeteners Association (ISA), ter gelegenheid van de negende Conferentie van de Europese Federatie van Verenigingen van Diëtisten (EFAD), bood een mooie kans om een stand van zaken te geven over de impact van lightdranken op de energie-inname.

Voedingsmiddelen en dranken met een lage energiedichtheid (dat wil zeggen, met een gering aantal calorieën per 100 gram) zijn de beste keus als je op de calorieën let. Dat wordt ook bevestigd door dit onderzoek van dr. Nicolas Buckland (University of Leeds, VK) en zijn team. Proefpersonen die dergelijke ‘dieetvriendelijke’ voedingsmiddelen aten, namen bij de volgende maaltijd minder calorieën in. Het effect trad ook op als de proefpersonen de voedingsmiddelen enkel zagen of roken. Vrijwilligers die een salade van 100 kcal als voorgerecht kregen, aten 21% minder calorieën dan de proefpersonen die een steviger voorgerecht met dezelfde hoeveelheid calorieën voorgeschoteld kregen (knoflookbrood).

Kiezen voor lightdranken in plaats van suikerhoudende dranken is een andere manier om de energiedichtheid te verlagen. Een nieuwe studie (1) bij meer dan 22.000 volwassenen in de Verenigde Staten toont aan dat dit leidt tot een lagere totale energie-inname. Bepaalde media laten echter een heel ander geluid horen, zegt Sigrid Gibson (Sig-Nurture Ltd. Guildford, VK). Zij laten doorschemeren dat personen die lightdranken drinken, meer snoep en andere energierijke producten eten dan liefhebbers van suikerhoudende dranken.

Wat toont deze studie werkelijk aan? Het blijkt dat personen die lightdrank drinken, veel minder calorieën innemen via dranken dan personen die kiezen voor suikerhoudende frisdrank. Bovendien halen de ‘lightdrinkers’ nauwelijks meer calorieën (19 kcal/dag) uit ‘overbodige’ voedingsmiddelen met een hoge energiedichtheid (snoepgoed, koekjes…). Kijken we naar het totaal aantal calorieën inclusief van de verschillende dranken, dan toont de studie duidelijk aan dat lightdranken en thee geassocieerd zijn met een lagere calorie-inname. Het aantal calorieën ligt op 69 kcal per dag voor lightdranken en 64 kcal/dag voor thee. Dat is heel wat minder dan het aantal calorieën uit suikerhoudende dranken (226 kcal/dag), alcoholische dranken (384 kcal/dag), en zelfs koffie (108 kcal/dag). Lightdranken kiezen in plaats van gesuikerde dranken blijkt dus wel degelijk een goede strategie om de calorie-inname te beperken.

 

Ruopeng An. J Acad Nutr Diet 2015. In druk. Gepubliceerd online op 11 september 2015

De glycemische index begrijpen

De glycemische index wordt soms aanbevolen als een handig hulpmiddel om pieken in de bloedsuikerspiegel te voorkomen, die de opslag van vet bevorderen. Maar om dit goed te begrijpen en te gebruiken, is wat uitleg nodig.

Het effect van een maaltijd op de bloedsuikerspiegel

Als de bloedsuikerspiegel of het suikergehalte in het bloed stijgt na een maaltijd of een tussendoortje, komt dat doordat koolhydraten na de vertering worden omgezet in glucose die in het bloed terechtkomt. De glycemische index (GI) geeft aan hoe snel een voedingsmiddel of drankje de bloedsuikerspiegel (glycemie) doet stijgen: hoe hoger de GI, hoe sneller de bloedsuikerspiegel stijgt. Een sterke stijging van de bloedsuikerspiegel leidt echter tot een aanzienlijke afgifte van insuline. Dit heeft als nadeel dat ongebruikte energie in de vorm van vet wordt opgeslagen. Kortom, het bevordert de omzetting van glucose in vet. Daarom wordt bij sommige methoden voor gewichtsbeheersing aangeraden om de voorkeur te geven aan voedingsmiddelen met een lage of gemiddelde GI. Bovendien is bij diabetici de insulineproductie onvoldoende, waardoor extra aandacht nodig is om sterke stijgingen van de glycemie te beperken.

De glycemische index is vast, de bloedsuikerspiegel is variabel

De glycemische index van voedingsmiddelen wordt berekend voor een vaste hoeveelheid verteerbare koolhydraten (dus exclusief vezels), namelijk 50 gram. De GI van een voedingsmiddel verandert dus niet. Echter, hetzelfde voedingsmiddel kan zeer verschillende effecten hebben op de bloedsuikerspiegel, afhankelijk van:

  • De geconsumeerde hoeveelheid: hoe groter de hoeveelheid, hoe groter het effect op de bloedsuikerspiegel
  • De context van de maaltijd: een voedingsmiddel of drankje dat apart wordt geconsumeerd, buiten de maaltijden (op een lege maag), heeft een sneller effect op de bloedsuikerspiegel dan wanneer het tijdens een maaltijd wordt ingenomen. De mix van voedingsstoffen in de maag vertraagt namelijk de maaglediging en stelt zo het verschijnen van glucose in het bloed uit.

Om ook rekening te houden met de hoeveelheid geconsumeerde koolhydraten is het concept van de glycemische lading ontwikkeld.

Meer informatie over de glycemische index en de glycemische lading

Wat zijn de officiële aanbevelingen met betrekking tot de glycemische index?

De glycemische index wordt erkend als maatstaf en er bestaan zeer gedetailleerde tabellen. Er bestaat echter geen eensgezindheid over het werkelijke nut ervan voor de gezondheid. De meeste voedingsaanbevelingen van nationale of internationale instanties hechten slechts relatief belang, of zelfs helemaal geen belang, aan de glycemische index. De Wereldgezondheidsorganisatie bijvoorbeeld erkent de glycemische index als een indicator voor de kwaliteit van koolhydraten, maar geeft de voorkeur aan een alomvattende aanpak op basis van de consumptie van volwaardige en vezelrijke voedingsmiddelen: volkoren granen, groenten, fruit en peulvruchten. Het beperken van vrije suikers maakt ook deel uit van deze aanbevelingen. De organisatie beveelt niet aan om de GI systematisch op de etiketten van voedingsmiddelen te vermelden (zoals soms gebeurt in bepaalde landen zoals de Verenigde Staten en Australië), omdat het bewijs dat de GI op zichzelf leidt tot een vermindering van niet-overdraagbare ziekten als te zwak wordt beschouwd.

Lees ook: Wat zijn “vrije suikers”?

Caloriearme zoetstoffen en de glycemische index

Ongeacht het belang dat aan de glycemische index van voedingsmiddelen wordt gehecht, weet dat de vervanging van suiker door caloriearme zoetstoffen leidt tot een duidelijke verlaging van de glycemische index. En dat is normaal, aangezien caloriearme zoetstoffen niet worden omgezet in bloedglucose en daardoor geen invloed hebben op de bloedsuikerspiegel. Dit is vooral duidelijk bij frisdranken, waar alle suikers kunnen worden vervangen door caloriearme zoetstoffen. De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid heeft trouwens een gezondheidsclaim goedgekeurd waarin staat dat de stijging van de bloedsuikerspiegel na het eten van een product lager is als suiker wordt vervangen door een zoetstof.

Wilt u meer weten over de glycemische index van verschillende dranken
Klik hier

Referentie:
WHO updates guidelines on fats and carbohydrates ; 17 July 2023 

Minder suiker:
de angsten van consumenten

Veel consumenten willen minder suiker in hun voeding, maar zijn bang voor caloriearme zoetstoffen. Dat blijkt uit een studie* die het BRC heeft uitgevoerd bij 1000 consumenten in België.

In 2023 kondigde de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) aan dat haar agentschap voor voedselveiligheid, het JECFA (gezamenlijk FAO/WHO-comité van deskundigen voor levensmiddelenadditieven), eraan herinnerde dat aspartaam veilig is in de toegestane en geconsumeerde hoeveelheden. Tegelijkertijd met deze aankondiging heeft een ander agentschap van de WHO, het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek (IARC), aspartaam geclassificeerd als “mogelijk kankerverwekkend” (categorie 2B, dezelfde categorie als ingemaakte groenten en aloë vera). Deze categorie komt overeen met onvoldoende bewijs bij de mens, aangezien het bewijs voor kankerverwekkendheid hoger is voor categorie 2A – waartoe bijvoorbeeld rood vlees en heet water behoren – en nog hoger voor categorie 1, waartoe alcoholische dranken en charcuterie behoren. Helaas heeft de classificatie van het IARC alle aandacht gekregen en indruk gemaakt, waardoor er een bijzonder wantrouwen jegens deze zoetstof is ontstaan. Dit komt ook tot uiting in deze studie over het gedrag van consumenten ten aanzien van suiker en zoetstoffen.

Lees ook: Is aspartaam kankerverwekkend? Niet zo snel!

Aspartaam is soms enger dan suiker!

Uit een eerder onderzoek dat in 2023 kort na het IARC-rapport werd uitgevoerd, blijkt dat meer dan 1 op de 3 consumenten (36%) ten onrechte van mening is dat aspartaam “waarschijnlijk ‘ of ‘zeker’ kankerverwekkend is, en slechts 17% geeft aan dat het geen kanker veroorzaakt mits de aanvaardbare dagelijkse inname wordt gerespecteerd (wat echter het advies is van voedselveiligheidsinstanties in Europa en de rest van de wereld). Meer dan één op de twee personen (54%) denkt dat de veiligheidsinstanties aanbevelen om aspartaam te vermijden, wat niet het geval is. Van de mensen die zeggen dat ze zich op zijn minst enigszins zorgen maken over aspartaam, zegt 45% dat ze zullen stoppen met het drinken van dranken die aspartaam bevatten en zullen overschakelen op iets anders. En in 1 op de 3 gevallen is ‘iets anders’ een drankje met suikers in plaats van aspartaam.

Voor het gewicht: vooral suikers verminderen

In de 2026-studie vinden 7 op de 10 deelnemers gewichtsbeheersing belangrijk. Om dit te bereiken, geven de deelnemers aan dat ze in de eerste plaats hun suikerconsumptie proberen te verminderen (87%), gevolgd door vetten (83%) en calorieën (74%).  Om suiker te verminderen, is de meest gebruikte strategie het verminderen van de frequentie van de consumptie van suikerhoudende voedingsmiddelen en dranken (63%), het verminderen van de portiegrootte (40%) en het vervangen van suiker door caloriearme zoetstoffen (34%). Hoewel 1/3 van de deelnemers die hun suikerinname willen verminderen het ermee eens is dat mensen nooit suikerhoudende dranken zouden moeten drinken, maar alleen water, bevestigt 61 % van hen dat ze willen genieten van de zoete smaak en geven toe dat ze minstens één keer per maand een suikerhoudende drank drinken (en 26 % elke week).

Lees ook: Zoetstoffen & gewicht: houd rekening met het plateau-effect!

Zoetstoffen: de verschillen tussen het noorden en het zuiden

Hoewel België een klein land is, worden caloriearme zoetstoffen in het noorden en het zuiden heel anders bekeken. Zo geven meer Franstaligen aan dat ze suiker niet vervangen door caloriearme zoetstoffen (52 %) dan Nederlandstaligen (42 %), en dat ze geen producten met caloriearme zoetstoffen kiezen (42 % tegenover 31 %). Bovendien vindt 41 % van de Franstaligen dat ze vrijwel niets weten over caloriearme zoetstoffen, tegenover 34 % van de Nederlandstaligen. De risicobeoordeling loopt tegengesteld aan de kennis: in het noorden wegen de voordelen van caloriearme zoetstoffen (52 %) zwaarder dan de risico’s (46 %), terwijl in het zuiden de risico’s van caloriearme zoetstoffen (46 %) zwaarder wegen dan de voordelen (33 %).

Angst voor kunstmatige producten nog steeds op de eerste plaats

Waarom zijn caloriearme zoetstoffen zo beangstigend, terwijl ze onder streng toezicht staan van gezondheidsinstanties om hun veiligheid te garanderen? Meer dan de helft (56 %) van de deelnemers noemt vooral het kunstmatige karakter. Een angst die niet rationeel is, aangezien het natuurlijke of kunstmatige karakter niets verandert aan de beoordeling van de veiligheid van een stof…

Een ander opvallend feit: bijna 1 op de 2 personen (48 %) beweert dat caloriearme zoetstoffen kanker kunnen veroorzaken. Ten slotte is meer dan 1 op de 3 personen (36 %) van mening dat ze schadelijk zijn voor de darmgezondheid (terwijl uit de SWEET-studie bij mensen is gebleken dat zoetstoffen een positief effect hebben op het darmmicrobioom…). De smaak van caloriearme zoetstoffen wordt door een op de vier personen (26%) bekritiseerd. Opvallend is dat degenen die de risico’s van caloriearme zoetstoffen het meest onderkennen, vaker de voorkeur geven aan suikerhoudende dranken boven caloriearme of calorievrije dranken.

Deze gegevens tonen aan hoe belangrijk het is om betrouwbare, wetenschappelijk onderbouwde informatie te verstrekken over caloriearme zoetstoffen. Bijna 8 op de 10 respondenten (78%) vinden trouwens dat de officiële instanties hen duidelijk moeten informeren over het al dan niet veilig zijn van zoetstoffen.

Lees ook: Zijn ‘natuurlijke’ stoffen betrouwbaarder?

 * Onderzoek uitgevoerd door het onderzoeksbureau Brand and Reputation Collective onder 1.000 consumenten in België, tussen 22 en 30 januari 2026. De steekproef van het onderzoek was representatief voor de nationale bevolking wat betreft geslacht, leeftijd en regio. Het onderzoek werd uitgevoerd in het Frans en het Nederlands.

Een effectieve bondgenoot bij het afvallen

Kilo’s kwijtraken is lastig, maar vermijden dat je terug bijkomt is nog moeilijker. Het beruchte jojo-effect ligt op de loer. Toch is er goed nieuws voor wie met overgewicht kampt: een nieuwe internationale lange-termijnstudie toont duidelijk aan dat laagcalorische zoetstoffen wel degelijk kunnen bijdragen tot blijvend gewichtsverlies.

“SWEET” is de gepaste naam van deze gerandomiseerde gecontroleerde studie, waaraan 341 volwassenen in vier Europese landen deelnamen. Zij werden opgesplitst in twee groepen en nauwkeurig opgevolgd tijdens een periode van twaalf maanden. De onderzoekers wilden nagaan welke invloed de vervanging van suiker door laagcalorische zoetstoffen heeft op gewichtsschommelingen en op de samenstelling van de darmmicrobiota.  In totaal voltooiden 203 volwassenen de trial, ruim voldoende voor robuuste conclusies.  

Professor Ellen Blaak (Universiteit Maastricht), één van de hoofdauteurs van studie, lichtte de resultaten onlangs aan ons toe.  

De deelnemers volgden eerst een begeleid dieet waarbij ze in twee maanden tijd minimaal vijf procent van hun startgewicht verloren. Daarna volgde één groep tien maanden lang het advies om zoveel mogelijk toegevoegde suiker te vervangen door laagcalorische zoetstoffen (gesuikerde frisdranken door zero-varianten, klassieke koekjes door versies zonder suiker, enz.), terwijl de andere groep geen gebruik maakte van zoetstoffen. 

Wat bleek? Hoewel beide groepen na afloop van het dieet opnieuw bijkwamen, behield de groep die laagcalorische zoetstoffen gebruikte een significant groter gewichtsverlies dan de groep die enkel suiker gebruikte.  Het verschil bedroeg gemiddeld 1,6 kg aan het einde van de trial-periode. Bij degenen met de hoogste therapietrouw bedroeg het verschil zelfs 3,7 kg: hoe consequenter de deelnemers kozen voor zoetstoffen, hoe groter het gewichtsverlies. Daarnaast werden in de darmmicrobiota van de deelnemers in de zoetstoffen-groep ook meer bacteriën teruggevonden die korte vetzuurketens produceren, wat eveneens geassocieerd wordt met een positief effect op de gezondheid.

De studie van professor Blaak en haar collega’s werpt nieuw licht op het nut van laagcalorische zoetstoffen als ondersteuning voor blijvend gewichtsverlies bij mensen met overgewicht. Toegevoegde suikers vermijden blijft één van de meest toegepaste strategieën om af te vallen, maar het is ook een lastige richtlijn om vol te houden. Door gebruik te maken van zoetstoffen, wordt dit makkelijker en neemt de kans op succes toe.

Wie weet, misschien krijgt “dieet” opnieuw de oorspronkelijke betekenis die de oude Grieken eraan gaven: geen vermageringskuur, maar een gezonde levenswijze in alle facetten. Niet voor een tijdje, maar levenslang.  Als laagcalorische zoetmiddelen ons daar een handje bij kunnen helpen, is dat mooi meegenomen.

Lees ook : Caloriearme zoetstoffen, nuttig voor het behoud van gewichtsverlies

photo-lut

Wie is Lut Van Lierde?

Lut Van Lierde is diëtiste-voedingsdeskundige (Institut Paul Lambin – HH Vinci) en auteur van het boek ‘Ligne’, uitgegeven bij Soliflor. Voorheen was ze 20 jaar werkzaam als kader in de voedingsindustrie.

Lut Van Lierde werkt als klinische diëtiste in haar praktijk in Brussel waartoe ze haar methode ‘Sensitive Nutrition’ ontwikkelde. Als zelfstandige diëtiste verleent ze advies aan bedrijven, zo o.a. aan Le Pain Quotidien waarvoor ze de ‘Better Choice Criteria’ opstelde die de gezondere keuzes op het menu aangeven. Ze maakt voedingswetenschap graag boeiend en hapklaar.

Een quote van haar: “Wetenschappelijke informatie vertalen naar het bord is het Olympisch Minimum voor een diëtist.

Caloriearme zoetstoffen, nuttig voor het behoud van gewichtsverlies

Een gerandomiseerde, gecontroleerde klinische studie toont aan dat langdurige vervanging van suiker door caloriearme zoetstoffen het gewichtsverlies bevordert en tegelijkertijd een gunstig effect heeft op de darmmicrobiota.

Waarom suiker vervangen door caloriearme zoetstoffen?

Wanneer caloriearme zoetstoffen worden gebruikt in plaats van suiker, kan de energie-inname worden verminderd, wat een bescheiden maar significante gewichtsverlies bevordert. Toch is er nog steeds discussie over hun rol. Sommige observationele studies hebben een verband aangetoond tussen de consumptie van zoetstoffen en obesitas, wat soms leidt tot de onjuiste conclusie dat deze producten gewichtstoename bevorderen.

Het is belangrijk om te onthouden dat observationele studies geen causaal verband kunnen aantonen. Dit verband, dat in dit soort onderzoeken wordt aangetroffen, kan grotendeels worden verklaard door het feit dat mensen met overgewicht of diabetes type 2 vaker hun suikerconsumptie willen verminderen en daarom kiezen voor alternatieven zonder toegevoegde suikers.

Daarentegen onderscheidt de huidige studie, SWEET (Sweeteners and Sweetness Enhancers: Prolonged Effects on Health, Obesity and Safety), zich juist door het hoge bewijsniveau, aangezien het een gerandomiseerde gecontroleerde studie betreft, de gouden standaard in klinisch onderzoek.

Een belangrijk onderzoek naar gewicht en darmmicrobiota

De SWEET-studie, gepubliceerd in het tijdschrift Nature Metabolism, evalueerde de langetermijneffecten van caloriearme zoetstoffen en zoete smaakversterkers* op het lichaamsgewicht en de darmmicrobiota bij mensen met overgewicht of obesitas.

Methodologie:

  • 341 volwassenen en 38 kinderen met overgewicht of obesitas.
  • Startfase voor volwassenen: 2 maanden energiebeperking met een doelstelling van ≥ 5 % gewichtsverlies
  • Onderhoudsfase van 10 maanden voor deelnemers die het doel hebben bereikt: willekeurige verdeling in twee groepen:
    • Groep zoetstoffen (140 deelnemers): vervanging van suiker in voedingsmiddelen en dranken door caloriearme zoetstoffen
    • Controlegroep (137 deelnemers): geen zoetstoffen
  • In beide groepen moesten de toegevoegde suikers tot het einde minder dan 10 % van de totale energie-inname bedragen

Een aanzienlijk lagere gewichtstoename

Na twee maanden gewichtsverlies waren de deelnemers gemiddeld 10 kg afgevallen, wat neerkomt op ongeveer 10% van hun lichaamsgewicht.

Tijdens de stabilisatieperiode kwamen de deelnemers geleidelijk weer aan, wat meestal het geval is na een periode van gewichtsverlies. Ze behielden echter allemaal een gewichtsverlies van meer dan 5 % van hun lichaamsgewicht, maar met een verschil tussen de twee groepen: de gewichtstoename bleek significant lager te zijn in de groep die zoetstoffen consumeerde dan in de controlegroep:

Na 1 jaar:

  • Groep zoetstoffen: –7,2 kg behouden
  • Controlegroep: –5,6 kg behouden
  • Verschil: +1,6 kg in het voordeel van de groep die zoetstoffen gebruikte

Bovendien werd de suikerinname in de groep zoetstoffen gehalveerd ten opzichte van de andere groep, wat de daadwerkelijke doeltreffendheid van de vervanging bevestigt.

Gunstige effecten op de darmmicrobiota

Vrijwel alles wat we consumeren heeft invloed op de darmmicrobiota. De hamvraag is dus niet of deze verandert, maar of deze veranderingen gunstig of schadelijk zijn. Dit is een punt dat de onderzoekers ook in deze studie hebben onderzocht.

Het resultaat: ze constateerden in de groep die zoetstoffen gebruikte vrij gunstige veranderingen in de darmmicrobiota.

Wetenschappers hebben namelijk een grotere hoeveelheid bacteriën waargenomen die korteketenvetzuren produceren, die worden geassocieerd met een betere metabolische regulering. Volgens de auteurs zou dit effect op de microbiota bovendien kunnen bijdragen aan de betere resultaten die zijn behaald op het gebied van gewichtsbehoud. Er werden geen effecten van dysbiose (onbalans in de darmmicrobiota, zoals een afname van ‘goede’ bacteriën, een toename van ‘slechte’ bacteriën en/of een afname van de diversiteit) en geen cardiometabole effecten waargenomen bij het gebruik van zoetstoffen.

Sterk bewijs om rekening mee te houden

Deze studie, die tot op heden een van de grootste gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken is, levert dus sterk en hoogwaardig bewijs voor een gunstige rol van langdurig gebruik van caloriearme zoetstoffen bij gewichtsbeheersing.

Deze resultaten stellen de voorwaardelijke aanbeveling van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) uit 2023 ter discussie, waarin het gebruik van zoetstoffen voor gewichtsbeheersing werd afgeraden vanwege een mogelijk cardiometabool risico.

Integendeel, dit onderzoek toont aan dat de integratie van caloriearme zoetstoffen in een gezond, suikerarm dieet:

  • het behoud van gewichtsverlies bevordert
  • de cardiometabole gezondheid niet aantast
  • de darmmicrobiota niet aantast

In dezelfde uitgave geven specialisten Sarah Schmitz en Louis Aronne (Comprehensive Weight Control Center, Division of Endocrinology, Diabetes & Metabolism, Weill Cornell Medicine, New York) commentaar op de reikwijdte van deze ontdekking in een artikel getiteld “The SWEET spot for weight maintenance”:

“De SWEET-studie bevestigt dat het vervangen van suiker door zoetstoffen en zoete smaakversterkers in voedingsmiddelen en dranken kan bijdragen tot gewichtsbehoud en geen nadelige invloed lijkt te hebben op de cardiometabole gezondheid over een periode van een jaar.”

*Zoete smaakversterkers zijn stoffen die in lage doses zelf geen zoete smaak hebben, maar die de waarneming van de suiker die al in een voedingsmiddel of drank aanwezig is, kunnen versterken. Sommige, zoals thaumatine en neohesperidine DC, worden in de Europese regelgeving toch als zoetstoffen geclassificeerd.

Wetenschappelijke referenties:
Pang M.D. et al. Nat Metab. 2025 Oct 7. https://doi.org/10.1038/s42255-025-01381-z
• Schmitz S., Aronne L. Nat Metab 2025 Oct 7. https://doi.org/10.1038/s42255-025-01382-y

Diabetes: water is niet beter dan light-/zero-dranken!

Water is de meest aanbevolen drank. Maar heeft het bij diabetes voordelen voor de bloedsuikerspiegel en het gewicht om light-/zero-dranken te vervangen door water? Deze grondige studie toont aan dat dit niet het geval is.

Light-/zero-dranken vervangen door water: de “SODAS”-studie

Deze studie, gepubliceerd in het prestigieuze wetenschappelijke tijdschrift Diabetes Care (het officiële tijdschrift van de American Diabetes Association), kreeg de naam “SODAS”. Niet omdat het gefinancierd werd door de frisdrankindustrie – het werd volledig gefinancierd door het National Institute of Diabetes and Digestive and Kidney Diseases (National Institutes of Health) – maar omdat het de afkorting is van “Study of Drinks with Artificial Sweeteners in People with T2D”. Het onderzoek werd uitgevoerd door onderzoekers van de Universiteit van Californië in Irvine en de Universiteit van Minnesota in Minneapolis volgens een strikt protocol. Ze wilden nagaan in hoeverre het voor mensen met diabetes type 2 beter was om water te drinken in plaats van light-/zero-dranken zonder suikers. Het minste wat we kunnen zeggen is dat ze verrast waren door de resultaten…

24 weken om de evolutie van de bloedsuikerspiegel te volgen

In deze studie1 werden 181 volwassenen met diabetes type 2 die regelmatig suikervrije light-/zero-dranken consumeerden, willekeurig verdeeld over twee groepen: de ene groep bleef zoals gewoonlijk suikervrije light-/zero-dranken consumeren (controlegroep), de andere groep verving de light-/zero-dranken door water (bruisend of plat, maar zonder smaakstoffen).

De dagelijkse consumptie bedroeg 24 ounce (ongeveer 710 ml) suikervrije light-/zero-dranken. Deze interventie duurde 24 weken, zodat er een beeld kon worden gevormd van de ontwikkeling van de belangrijkste parameters. 179 personen voltooiden het onderzoek, wat een hoog percentage is voor dit soort onderzoeken.

In tegenstelling tot de oorspronkelijke hypothese van de onderzoekers, namelijk dat het beter zou zijn om over te stappen op water, was er geen verbetering in de markers voor de bloedsuikerspiegel bij mensen die suikervrije light-/zero-dranken hadden vervangen door water. Integendeel, er was zelfs een lichte stijging van de belangrijkste gemeten marker: geglyceerd hemoglobine, dat de bloedsuikerspiegel van de afgelopen 3 maanden weergeeft. Deze steeg van 7,20% naar 7,44% in de groep die water kreeg toegewezen (terwijl deze in de groep die light-/zero-dranken kreeg toegewezen zeer licht daalde, van 7,19% naar 7,14%).

Resultaten die de huidige aanbevelingen niet bevestigen

Dezelfde trend geldt voor andere bloedglucosemarkers. Zo bleef het fructosaminegehalte – dat de gemiddelde bloedglucosespiegel van de afgelopen 2 tot 3 weken weergeeft – onveranderd in de groep die light-/zero-dranken dronk, en steeg het zelfs licht in de groep die water dronk, met een gemiddeld verschil van 6,22 µMol/l. Het gemiddelde nuchtere glucosegehalte gemeten gedurende 24 weken steeg van 147,5 mg/dl naar 149,2 mg/dl in de groep die light-/zero-dranken dronk en van 147,6 mg/dl naar 153,7 mg/dl in de groep die water dronk, wat ook hier een minder gunstige ontwikkeling voor water betekent.

De auteurs merken ook op dat het gewicht stabiel bleef in de ‘water’-groep, terwijl het licht daalde in de light-/zero-drankengroep: het gemiddelde verschil in verandering wordt geschat op 1,11 kg ten opzichte van de ‘water’-groep.

De auteurs concluderen logischerwijs dat hun resultaten suggereren dat bij diabetici die gewoonlijk suikervrije light-/zero-dranken consumeren, het vervangen ervan door water geen verbetering oplevert in klinische metingen met betrekking tot de bloedsuikerspiegel of het gewicht gedurende 24 weken. En dat, in tegenstelling tot hun hypothese, patiënten die light-/zero-dranken door water hebben vervangen, zelfs een toename van geglyceerd hemoglobine hebben die als “klinisch en statistisch significant” wordt beschouwd.

Ze stellen dat de resultaten in tegenspraak zijn met de hypothese en niet in overeenstemming zijn met de huidige aanbevelingen voor medische voedingstherapie en voeding voor mensen met T2D.

Een belangrijk onderzoek met weinig media-aandacht

Vreemd genoeg haalde deze studie, die wetenschappelijk gezien zeer solide is en waarvan de resultaten belangrijk zijn, vooral voor veel mensen met diabetes type 2, niet de krantenkoppen (terwijl veel alarmerende studies, die aanzienlijk minder solide zijn, dat wel gemakkelijk doen).

In een artikel op de2 website Vie Associative2 verbaast redacteur Julien zich hierover: “Deze studie, die toch grondig is, heeft bijna geen aandacht gekregen in de media, in tegenstelling tot studies die suggereren dat zoetstoffen slecht zijn voor de gezondheid, en waarvan het bewijs nooit erg solide is.” Hij sprak met een beroemde epidemioloog: Gidean Meyerowitz-Katz van de Universiteit van Wollongong (Australië), gespecialiseerd in diabetes. Over deze studie, waaraan hij niet heeft meegewerkt, zegt hij: “Deze studie is veel grondiger dan de meeste wetenschappelijke gegevens die in de media worden gepubliceerd.” Hij voegt hieraan toe dat er in het slechtste geval geen verschil is tussen suikervrije light-/zero-dranken en water als het gaat om het onder controle houden van diabetes. In het beste geval zouden light-/zero-dranken iets beter kunnen zijn.

  1. Odegaard A O et al. Diabetes Care 2026;49(2):239-246. https://doi.org/10.2337/dc25-1516
  2. Vie Associative, 23 januari 2026. Link naar het artikel

Meer genieten met minder toegevoegde suikers

Wist je dat het verminderen van toegevoegde suikers in je voeding niet ten koste van de smaak hoeft te gaan?

Michaël Sels, chef-kok, diëtist en voedingswetenschapper aan het UZ Antwerpen, geeft ons tips om suiker op een lekkere manier te vervangen en tegelijkertijd essentiële voedingsstoffen binnen te krijgen.

Te veel suiker eten heeft een negatieve invloed op de gezondheid. De bloedsuikerspiegel kan gemakkelijker schommelen en dat kan de kans op overgewicht en obesitas verhogen. Zwaarlijvigheid verhoogt op haar beurt het risico op hart- en vaatziekten en bepaalde typen kanker. Toegevoegde suikers in je voeding beperken is dus noodzakelijk.

Vervangen is beter dan vermijden

Toegevoegde suikers verminderen betekent niet per se dat je alleen maar dingen moet vermijden of weglaten. “Toch is dat de manier waarop veel mensen daarnaar kijken,” zegt Michaël Sels, chef-kok, diëtist en voedingswetenschapper aan het UZ Antwerpen. “Het is moeilijk om daar enthousiast van te worden. Probeer het dus eens om te keren. Probeer meer goede dingen toe te voegen. Dan heb je ook meteen het voordeel dat je meer goede voedingsmiddelen hebt gegeten.”

Zo kan je bijvoorbeeld de verhoudingen veranderen door extra gestoofd witloof aan je (feestelijk) gerecht toe te voegen en een kleinere portie bessenconfituur (een koffielepel in plaats van een soeplepel) bij het wild op je bord te leggen. De confituur vervangen door zoete groenten zoals pompoen en pastinaak is ook een goede optie.

Hetzelfde geldt voor desserten: vervangen is beter dan vermijden. Vervang dus suiker door caloriearme zoetstoffen om de zoete smaak te behouden en jezelf te kunnen verwennen. Maar Michaël Sels herinnert ons eraan dat koken met zoetstoffen wel anders is dan met suiker. “Als je kijkt naar de functie van suiker in een gerecht is dat niet alleen de zoete smaak geven. Suiker heeft bijvoorbeeld ook een invloed op de textuur en de kleur. Denk aan het karamelliseren van suiker. Je moet er dus voor zorgen dat je zoetstoffen gebruikt die deze eigenschappen nabootsen zodat je een bevredigend eindresultaat kan bereiken.” Naast hun zoete smaak bieden caloriearme zoetstoffen nog een ander belangrijk voordeel: ze helpen de stijging van de bloedsuikerspiegel na de maaltijd of het tussendoortje te beperken.

Lees ook:
De tips van Michaël Sels voor 100% geslaagde recepten met zoetstoffen

Een zoet winterrecept zonder toegevoegde suikers

Michaël Sels deelt een heerlijk recept voor koekjes om van te genieten bij het haardvuur: chocoladesinaasappelkoekjes van zwarte bonen. Ze bevatten geen toegevoegde suikers en zijn ook een onverwachte bron van plantaardige eiwitten. “De kracht van dit recept is dat het peulvruchten bevat,” zegt Michaël Sels. “De gemiddelde Belg eet heel weinig peulvruchten en heel wat mensen hebben weinig inspiratie om iets met peulvruchten te doen. Het zijn nochtans heel zinvolle voedingsmiddelen om in ons eetpatroon te integreren. Peulvruchten aan dessert en tussendoortjes toevoegen is een goede manier om er meer van te eten.”

Naast plantaardige eiwitten bevat het recept ook vezels uit gedroogd fruit. Vezels helpen om de spijsvertering te vertragen wat goed is voor een stabielere bloedsuikerspiegel.

Lees meer over Michaël Sels op LinkedIn:
www.linkedin.com/in/michaelsels

Chocoladesinaasappelkoekjes van zwarte bonen

Voor 15 tot 20 koekjes:

Bereidingstijd: 15 minuten
Baktijd: 15 minuten

Bonen in een koekje? Het klinkt misschien wat gek, maar het resultaat is FANTASTISCH! De combinatie van chocolade en sinaasappel zorgt bovendien voor een smaakexplosie die doet denken aan de geliefde Pims-koekjes.

Ingrediënten:

  • 50 g margarine
  • 50 g pure chocolade
  • 6 eetlepels versgeperst sinaasappelsap
  • 2 eetlepels geraspte sinaasappelschil
  • 100 g gedroogde abrikozen
  • 400 g (1 blik) zwarte bonen
  • 85 g pindakaas
  • 25 g suikervervanger op basis van steviolglycosiden (1:1)
  • 1 tl bakpoeder
  • 50 g volkorenmeel
  • 2 eetlepels cacaopoeder

Zo ga je aan de slag:

  • Verwarm de oven voor tot 180 °C.
  • Smelt de margarine met de in stukjes gebroken chocolade op een laag vuur.
  • Doe het sinaasappelsap, de sinaasappelzeste en de abrikozen in de blender en mix fijn. 
  • Giet de bonen in een zeef of vergiet en spoel onder stromend water. Laat uitlekken.
  • Doe de bonen, de pindakaas en de suikervervanger bij de abrikozen en mix tot een glad mengsel. Giet er de gesmolten chocolade bij en mix goed.
  • Meng het volkorenmeel, het cacaopoeder en het bakpoeder.
  • Meng de natte met de droge ingrediënten.
  • Verdeel het deeg in 15 tot 20 bolletjes. Bekleed een bakplaat met bakpapier. Leg er de bolletjes op, druk ze plat met de achterkant van een lepel en bak 12 tot 15 minuten in de voorverwarmde oven.

In het Verenigd Koninkrijk bevestigen 3 toonaangevende instanties het nut van calorierame zoetstoffen

In het Verenigd Koninkrijk hebben drie gezondheids- en voedingsinstanties zich positief uitgesproken over het nut van caloriearme zoetstoffen om de consumptie van toegevoegde suikers te verminderen.

Zeven jaar na hun laatste gezamenlijke verklaring uit 2018 publiceren drie gezondheids- en voedingsinstanties in het Verenigd Koninkrijk (de British Dietetic Association, de British Nutrition Foundation en Diabetes UK) een nieuw ‘Position statement’ over caloriearme zoetstoffen1. De experten van deze instellingen hebben de meest recente wetenschappelijke gegevens over dit onderwerp geëvalueerd, rekening houdend met de aandachtspunten en bezorgdheden van het grote publiek. Het doel hiervan is om betrouwbare en actuele informatie over dit onderwerp te verstrekken aan gezondheidsprofessionals, evenals geactualiseerde aanbevelingen te geven aan onderzoekers, beleidsmakers en de voedingsindustrie.

In dit werk erkennen de drie agentschappen de voordelen van caloriearme zoetstoffen als een positieve keuze voor mensen met diabetes en mensen die hun suikerconsumptie willen beperken. Bovendien zijn zij van mening dat de vervanging van suikers door caloriearme zoetstoffen een positieve rol kan spelen bij gewichtsbeheersing.

Lees ook: Een zoetstof onder de loep: de ADI van acesulfaam-K wordt naar boven bijgesteld

“Er bestaan veel mythes en misvattingen over zoetstoffen, zelfs onder gezondheidswerkers. Het is echter van essentieel belang dat we patiënten persoonlijk advies geven dat gebaseerd is op wetenschappelijk bewijs. Deze verklaring, samen met het ondersteunende informatieblad, is bedoeld om ons te helpen dit doel te bereiken. ” Paul McArdle, voorzitter van de raad van bestuur van de British Dietetic Association en medeauteur van het rapport2

De verklaring bevestigt opnieuw de veiligheid van zoetstoffen

Eerste vaststelling: goedgekeurde caloriearme zoetstoffen worden als veilig beschouwd wanneer ze worden geconsumeerd binnen de aanvaardbare dagelijkse inname (ADI). Sinds het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie heeft verlaten, is het de Food Standards Agency (FSA) die verantwoordelijk is voor de beoordeling van de veiligheid van levensmiddelenadditieven, waaronder caloriearme zoetstoffen, in het Verenigd Koninkrijk. En de FSA heeft besloten om zich te blijven aansluiten bij het standpunt van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) met betrekking tot de veiligheid en het gebruik ervan.

De deskundigen hebben ook recente studies onderzocht naar een mogelijk verband tussen caloriearme zoetstoffen en verschillende vormen van kanker bij de mens. Ze zijn tot de conclusie gekomen dat, over het algemeen, deze studies niet wijzen op een direct verband tussen de consumptie van caloriearme zoetstoffen binnen de aanbevolen limieten en het risico op kanker of sterfte door kanker. Het rapport vermeldt ook dat de huidige consumptie door de bevolking onder de ADI-grens ligt en dat het voor iemand met een normaal voedingspatroon uiterst moeilijk is om de ADI voor welke caloriearme zoetstof dan ook te bereiken.

Lees ook: Voedseladditieven staan onder streng toezicht

Het tweede punt van het rapport is belangrijk, omdat het een reactie is op het WHO-rapport uit 2023, waarin caloriearme zoetstoffen niet werden aanbevolen als strategie om gewicht te verliezen. Na bestudering van recente gegevens concluderen de deskundigen dat caloriearme zoetstoffen deel kunnen uitmaken van een strategie voor gewichts- en diabetesbeheersing, maar benadrukken zij dat zoetstoffen op zichzelf geen oplossing zijn. Met andere woorden, zoetstoffen zijn geen wondermiddel maar kunnen nuttig zijn als aanvulling op andere maatregelen.

De experten benadrukken dat gezonde en evenwichtige eetgewoonten, waarbij suikers, verzadigde vetzuren en zout worden beperkt en de voorkeur wordt gegeven aan vezels (fruit, groenten, volkoren granen), essentieel blijven.

Ze voegen eraan toe dat voor regelmatige consumenten van suikerhoudende dranken (dranken met toegevoegde suikers) suikervrije dranken met caloriearme zoetstoffen (light/zero dranken zonder suikers) een nuttig alternatief kunnen zijn, vooral voor mensen met een hoog risico op diabetes type 2. Water blijft natuurlijk de beste keuze, maar gezoete dranken zonder suiker kunnen een geleidelijke overgang naar een verminderde consumptie van dranken met toegevoegde suikers begeleiden.

Lees ook: De WHO publiceert een rapport over zoetstoffen

De essentiële rol van gezondheidsprofessionals

De gezamenlijke verklaring benadrukt de rol van gezondheidswerkers en het belang van individueel en wetenschappelijk onderbouwd advies. De aanbevelingen zijn als volgt:

  • Overwegen, indien van toepassing, om caloriearme zoetstoffen te gebruiken in een geleidelijke aanpak om de voedingskwaliteit te verbeteren en de consumptie van vrije suikers te verminderen, terwijl de keuze voor voedingsrijke voedingsmiddelen wordt aangemoedigd.
  • Caloriearme zoetstoffen mogen niet worden gebruikt als belangrijkste voedingswijziging om gewichtsbeheersing te bevorderen. Voedingsinterventies moeten gericht zijn op het verbeteren van de algemene voedingskwaliteit.
  • Voor diabetesbeheer kan de vervanging van vrije suikers, inclusief die in suikerhoudende dranken, door caloriearme zoetstoffen en met zoetstoffen gezoetesuikervrije dranken een effectieve strategie zijn om de inname van koolhydraten te verminderen en de postprandiale bloedsuikerspiegel te beheersen.
  • Mensen met diabetes aanmoedigen om de impact van de vervanging van vrije suikers door caloriearme zoetstoffen op de behandeling van hun diabetes en hun lichaamsgewicht in de gaten te houden.

Ten slotte benadrukt het rapport de noodzaak van verder onderzoek en betere gegevens om meer inzicht te krijgen in de consumptie van caloriearme zoetstoffen, voornamelijk in de context van de herformulering van voedingsmiddelen en dranken, en om de langetermijneffecten ervan op de gezondheid en het gedrag te blijven beoordelen.

Het volledige rapport vindt u hier

Referenties:
• British Dietetic Association, British Nutrition Foundation and Diabetes UK. Insight Document on Low- and No-Calorie Sweeteners. October 2025.
• British Dietetic Association. Low or no calorie sweeteners deemed safe in new position statement. 24 October 2025
.

Muffins met banaan en bosbessen

Ter gelegenheid van Werelddiabetesdag stelt de Voedingsraad van de Association du Diabète een eenvoudig en smakelijk recept voor: bananen- en bosbessenmuffins zonder toegevoegde suikers.

Dit is een perfect gebakje om je zoete trek te stillen en tegelijkertijd je bloedsuikerspiegel onder controle te houden. Het draait allemaal om porties. Deze muffins met banaan en bosbessen zijn niet alleen heerlijk, maar ook rijk aan vezels en arm aan vetten.
Emanuelle Chmielewski, voorzitster van de Voedingsraad van de Association du Diabète

Ingrediënten (voor 16 muffins)

  • 150 g volkoren speltmeel (T150)
  • 40 g tarwezemelen
  • 2 middelgrote rijpe bananen
  • 250 g bosbessen
  • 125 ml magere melk
  • 2 theelepels bakpoeder
  • 25 g poedervormige zoetstof op basis van sucralose
  • 50 g margarine
  • 1 ei
  • 50 g havermout + 1 eetlepel voor de afwerking

Bereiding

  • Verwarm de oven voor op 180 °C.
  • Prak de bananen met een vork in een kom.
  • Smelt de margarine en voeg deze aan de gepureerde bananen toe.
  • Voeg de melk, het ei, de zoetstof en het bakpoeder toe en meng goed.
  • Voeg beetje bij beetje de bloem en de zemelen toe.
  • Zodra het deeg homogeen is, voeg je de havermout en bosbessen toe terwijl je voorzichtig blijft roeren.
  • Verdeel het mengsel over siliconen cupcake- of muffinvormpjes en versier met de resterende havermoutvlokken.
  • Bak 18 tot 20 minuten in de oven.
  • Laat afkoelen en smullen maar!
EDINGSWAARDEN per muffin

Energie = 437 kJ / 100 kcal
Vetten: 3,5 g
Koolhydraten: 15 g
Eiwitten: 3,5 g
Vezels: 3 g

Recept uit het boek “ Mon assiette au fil des saisons ”
van de Association du Diabète.

Download het recept hier

Zoetstoffen en MASLD

Vetopstapeling in de lever wordt in verband gebracht met de wereldwijd meestvoorkomende chronische leverziekte: MASLD. Welke rol spelen caloriearme zoetstoffen bij MASLD? We zetten alles op een rijtje.

De wereldwijd snelle opmars van obesitas heeft heel wat nadelige gevolgen voor de gezondheid. Deze overmatige vetopstapeling hangt namelijk nauw samen met diabetes type 2, maar ook met hart- en vaatziekten, bepaalde vormen van kanker en leverziekten. Zo ontstond in 2023 het begrip MASLD, vandaag de meest voorkomende chronische leverziekte ter wereld.

Wat is MASLD?

MASLD is het acroniem van ‘Metabolic Dysfunction-Associated Steatotic Liver Disease’ of ‘metabole-disfunctie geassocieerde steatotische leverziekte’. Dit verwijst naar een aandoening waarbij vetopstapeling in de lever, die geen gevolg is van alcoholgebruik, de leverfunctie aantast. De term MASLD ligt in de lijn van andere namen, zoals niet-alcoholische leververvetting of NAFLD (‘Non-Alcoholic Fatty Liver Disease) en metabole disfunctie-geassocieerde leververvetting of MAFLD (‘Metabolic Dysfunction-Associated Fatty Liver Disease’).

MASLD omvat dus verschillende leveraandoeningen, zoals:

  • eenvoudige leververvetting (vetopstapeling zonder andere zichtbare symptomen)
  • steatohepatitis (leverontsteking die kan leiden tot een fibrose)
  • cirrose
  • hepatocellulair carcinoom

Lees ook: Hoe leidt suiker tot vet?

Wat is de oorzaak van MASLD?

Obesitas is de meest voorkomende oorzaak van MASLD: naar schatting hebben ongeveer 3 op de 4 mensen met obesitas MASLD. Dit is grotendeels te verklaren door de impact van het vetweefsel (dat dus abnormaal groot is bij obesitas) op de werking van het lichaam (met name de regulering van de bloedsuikerspiegel). De ontwikkeling van MASLD is echter complex en het resultaat van onderling gerelateerde factoren. Of eenvoudig gezegd: MASLD wordt doorgaans gezien als de weerspiegeling van factoren die verband houden met een moderne levensstijl, waaronder een onevenwichtige voeding, geen lichaamsbeweging, chronische stress 

Caloriearme zoetstoffen en MASLD

De overmatige consumptie van suiker is een duidelijk geïdentificeerde factor in de ontwikkeling van MASLD. De suikerinname verminderen, met de hulp van caloriearme zoetstoffen, wordt dan ook gezien als een zinvolle strategie voor zowel de preventie als de behandeling van MASLD. Maar zoetstoffen maken regelmatig het voorwerp uit van onderzoeken die tot contra-intuïtieve resultaten leiden. Dat is bijvoorbeeld het geval van een Chinese studie die in 2025 gepubliceerd werd. Deze studie suggereert niet enkel dat suikerhoudende dranken, maar ook dranken met caloriearme zoetstoffen gerelateerd zijn aan MASLD. De consumptie van meer dan 330 ml dranken die licht of niet gezoet zijn met zoetstoffen of suikerhoudende dranken wordt in verband gebracht met respectievelijk 60% en 50% meer risico op de ontwikkeling van MASLD.

Lees ook: Een zoete smaak, zin in zoet: wat is het verschil?

MASLD, suiker en zoetstoffen

Deze resultaten zijn helemaal niet verrassend voor suikerhoudende dranken: we weten dat de lever suikers, zeker soorten zoals fructose, kan omzetten in vet. Maar voor caloriearme zoetstoffen zijn deze resultaten nog verrassender, want er is geen enkel mechanisme dat men hierbij naar voren kan schuiven. De auteurs suggereren dat dit te maken kan hebben met de veranderingen in de darmmicrobiota, wat op basis van eerder onderzoek erg hypothetisch lijkt … Dit weerhield een krant echter niet om met de volgende titel uit te pakken: “Overstappen van gewone frisdrank naar light blijkt dus geen garantie voor een lagere kans op leverproblemen, in tegenstelling tot eerdere veronderstellingen.

De belangrijkste risicofactoren voor deze vorm van leververvetting (MASLD) zijn overgewicht, diabetes en een hoge cholesterol”, aldus prof. Anja Geerts (UGent).

Ze legt uit dat geen enkele drank verantwoordelijk is voor alles wat er verkeerd loopt en dat uiteindelijk de som der delen van belang is voor de lever: voeding, gewicht, suikerinname, lichaamsbeweging en metabole gezondheid. En goed nieuws: mensen met vetopstapeling in de lever kunnen dat vet volgens prof. Geerts kwijtraken als ze 5 à 10% van hun gewicht verliezen.

Lees ook: Welk effect hebben caloriearme zoetstoffen op het gewicht?

Het belang van de interpretatie van studies

Maar wat moeten we van deze studie denken? Diëtiste Sanne Mouha (UZAntwerpen) legt uit dat we deze resultaten met de nodige voorzichtigheid moeten interpreteren. Ze wijst op enkele inherente biases in observationele studies: “Het kan bijvoorbeeld dat mensen met overgewicht vaker frisdrank drinken, wat de conclusies enigszins vertekent. En ook light- of zerodrankjes gaan vaak samen met een minder gezond eet- en leefpatroon.

De consumptie van light- en zerodranken is inderdaad doorgaans hoger bij mensen met overgewicht/obesitas en mensen met diabetes type 2, omdat zij hun suikerinname en de daarbij horende calorieën willen beperken.

Beperkingen van de Chinese studie

Deze veelvoorkomende bias in observationele studies die het gebruik van caloriearme zoetstoffen in verband brengen met gezondheidsproblemen, werd eveneens benadrukt door de International Sweeteners Association (ISA). Deze vereniging herinnert er namelijk aan dat dergelijke studies geen oorzakelijk verband kunnen aantonen. Systematische reviews van gerandomiseerde gecontroleerde studies leveren daarentegen wel solide bewijs. Deze studies tonen aan dat de vervanging van suikerhoudende dranken door alternatieven met caloriearme of calorievrije zoetstoffen het vet in de lever, het lichaamsgewicht en de vetmassa kan verminderen (McGlynn et al., 2022).

Video: Zoetstoffen, gewicht & wetenschap : hoe staat het ermee?

Referenties:
Simancas-Racines D et al. Curr Obes Rep. 11 januari 2025;14(1):7. doi: 10.1007/s13679-024-00597-6
Ueg. Artificially sweetened and sugary drinks are both associated with an increased risk of liver disease, study finds. 7 oktober 2025.
• HLN online: Drink je elke dag lightfrisdrank? Onderzoek wijst op 60 procent meer kans op leveraandoening | Gezondheid | HLN.be
International Sweeteners Association ISA. Limites de la nouvelle étude sr les boissons édulcorées et les maladies du foie. 9 oktober 2025.

Zoetstoffen, gewicht en wetenschap:
hoe staat het ermee?

Professor Katherine Appleton (Bournemouth University, VK) ontrafelt en verklaart de huidige stand van zaken in de wetenschap rond caloriearme zoetstoffen.

Heb je ooit gelezen of gehoord dat zoetstoffen diabetes ‘veroorzaken’? En dat terwijl caloriearme zoetstoffen vrijwel geen energie bevatten en geen invloed hebben op de bloedsuikerspiegel, in tegenstelling tot suiker. Het bestaan van dit soort berichten is voornamelijk te verklaren door het soort wetenschappelijk onderzoek dat wordt uitgevoerd, en vooral door de interpretatie die ervan wordt gegeven.

Zo zien we in observationele studies, waarin levensstijl en eetgewoonten worden onderzocht, vaak dat de consumptie van caloriearme zoetstoffen hoger is bij mensen met diabetes type 2. Maar daaruit kan niet worden geconcludeerd dat zoetstoffen diabetes bevorderen. Integendeel, mensen met diabetes type 2 proberen meer dan anderen hun suikerinname te beperken, waardoor suiker vaker wordt vervangen door caloriearme zoetstoffen…

Interventiestudies worden uitgevoerd in een gecontroleerde omgeving, waarbij alleen de interventie verschilt: bijvoorbeeld een groep die normaal suiker consumeert en een andere groep die hetzelfde dieet volgt, maar waarbij suiker wordt vervangen door zoetstoffen.

Wat is het verschil tussen observationele studies en interventiestudies? Prof. Katherine Appleton (Afdeling Psychologie, Universiteit van Bournemouth, Verenigd Koninkrijk) geeft het antwoord in deze video.

VIDEO: Observatiestudie, interventiestudies, wat zijn de verschillen?

Hoe komt het dat een rapport van de WHO zoetstoffen afraadt om het gewicht onder controle te houden?

In dit rapport geeft de WHO aan dat er geen overtuigend bewijs is dat zoetstoffen op lange termijn helpen bij de bestrijding van obesitas of bij het voorkomen van niet-overdraagbare ziekten. Deze aanbeveling van de WHO is echter “voorwaardelijk“, wat betekent dat het bewijs waarop deze aanbeveling is gebaseerd niet sluitend is. Bovendien is deze aanbeveling niet van toepassing op mensen met diabetes. Maar hoe valt dit standpunt, dat niet gunstig is voor caloriearme zoetstoffen, te verklaren? Er zijn immers tal van studies die aantonen dat wanneer suiker wordt vervangen door caloriearme zoetstoffen, er wel degelijk een licht maar significant gewichtsverlies optreedt. Waarom deze tegenstrijdigheden?

Ook hier is het type onderzoek dat in aanmerking wordt genomen van belang. Prof. Katherine Appleton vertelt ons meer over dit rapport van de WHO.

VIDEO: Wat te denken van het rapport van de WHO over zoetstoffen en gewicht?

Zijn caloriearme zoetstoffen nuttig voor gewichtsbeheersing?

Suiker wordt geassocieerd met energie, elke gram levert 4 kilocalorieën. Wanneer suiker wordt vervangen door caloriearme zoetstoffen, leidt dit tot een vermindering van de hoeveelheid ingenomen calorieën (op voorwaarde dat er geen compensatie is die gelijk is aan de calorieën die gepaard gaan met de vervanging van suiker). Wanneer dat wel het geval is, melden studies waarin suiker wordt vervangen door producten met caloriearme zoetstoffen een gewichtsverlies van ongeveer 1 kg in 12 weken. Dat is geen groot verschil, benadrukt prof. Katherine Appleton, maar het is wel significant vanuit klinisch oogpunt en voldoende om een gunstige invloed te hebben op de gezondheid. De specialist benadrukt ook dat producten met caloriearme zoetstoffen moeten worden geïntegreerd in een gezonde levensstijl.

VIDEO: Wat is uiteindelijk het effect van zoetstoffen op het gewicht?

Suiker in de voeding van de Belgische bevolking

Hoewel de consumptie van totale suikers lichtjes gedaald is, zoals die in gesuikerde dranken, blijft de consumptie van producten met toegevoegde suikers hoog, zo blijkt uit de voedselconsumptiepeiling van Sciensano.

2025: resultaten van de voedselconsumptiepeiling

De voedselconsumptiepeiling 2022-2023 van Sciensano, gepubliceerd in 2025, maakt een nieuwe ‘foto’ van onze voeding. De vorige versie dateerde van 2014-2015. De suikerinname werd bestudeerd, maar enkel van de totale suikers (die overeenkomen met de som van de suiker die van nature aanwezig is in fruit, groenten, melk, melkproducten enz.) en de toegevoegde suikers (honing, graanstroop enz.).

Sinds de vorige peiling is de consumptie van totale suikers lichtjes gedaald: van 20 % naar 19 % van de totale energie-inname. Dit zou deels kunnen worden verklaard door de verlaagde consumptie van suiker uit dranken: naast de constante verlaging in de sector van de gesuikerde dranken (meer dan 30 % minder suiker op 25 jaar tijd) is ook de consumptie van gesuikerde dranken bij de Belgen gedaald van 187 ml/dag in 2014-2015 naar 152 ml/dag in 2022-2023. In diezelfde periode is de consumptie van water van 773 naar 949 ml/dag gestegen.

Lees ook: Minder suikers en zoetstoffen in producten

Wat is de aanbevolen hoeveelheid totale suikers?

Zowel in de aanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad als in de richtlijnen van de EFSA wordt er geen concrete hoeveelheid totale suikers aanbevolen. Maar op basis van diverse aanbevelingen van de HGR krijgen we wel indirect een idee.

  • Toegevoegde suikers: max. 10 % van de totale energie-inname
    • Dit maakt, voor 2000 kcal, een maximum van 50 g/dag.
  • Van nature aanwezige suikers: een evenwichtige voeding conform de aanbevelingen van de HGR bevat:
    • Fruit: 250 g/dag. Met een gemiddelde van 10 % van nature aanwezige suikers komt dit op 25 g suiker/dag.
    • Groenten: min. 300 g/dag. Met een gemiddelde van 2,5 % van nature aanwezige suikers komt dit op minstens 7,5 g suiker/dag.
    • Melk en melkproducten: 250 à 500 ml melk of een equivalent. Met een gemiddelde van 5 % lactose die van nature aanwezig is, komt dit op 12,5 à 25 g van nature aanwezige suikers/dag.

Totaal van de suiker die van nature aanwezig is: 45 à 57,5 g/dag.

Op basis van deze rekensom kunnen we een schatting maken van de hoeveelheid totale suikers conform de aanbevelingen: totale suikers = toegevoegde suikers (0 à 50 g/dag) + van nature aanwezige suikers, of dus 45 à 107,5 g/dag.

Lees ook: Trage of snelle suikers?

Hoeveel toegevoegde suikers consumeert een Belg?

Deze gegevens zijn niet opgenomen in de consumptiepeiling. Toch kunnen we hier een schatting (!) van maken door de consumptie van de totale suikers te verminderen met de van nature aanwezige suikers uit de gemiddelde consumptie van fruit, groenten, melk en melkproducten.

  • Totale suikers: 19 % van de energie. Voor 2000 kcal komt dit overeen met 95 g/dag. Deze consumptie van totale suikers lijkt op het eerste gezicht perfect aanvaardbaar. Maar vergeet niet dat dit het aandeel toegevoegde suikers maskeert, want hoe lager de consumptie van fruit, groenten, melk en melkproducten hoe hoger dit is, zoals ook het geval in België.
  • Van nature aanwezige suikers op basis van de gemiddelde consumptie:
    • Fruit: 114,2 g/dag, of 11,4 g suiker
    • Groenten: 171,6 g/dag, of 4,3 g suiker
    • Melk en melkproducten: 142 g/dag, of 7,1 g suiker
    • Totaal: 22,8 g van nature aanwezige suikers/dag

De toegevoegde suikers kunnen dus worden geschat op 95-22,8 g = 72,2 g/dag. Voor een inname van 2000 kcal/dag komt dit op 14,4 % van de energie-inname, terwijl de HGR max. 10 % aanbeveelt.

Het is dus erg waarschijnlijk dat de consumptie van toegevoegde suikers te hoog is bij de Belgische bevolking.

Lees ook: ‘Zonder suiker’ versus ‘zonder toegevoegde suikers’: het verschil!

Vanwaar komt de suiker in de voeding van de Belgische bevolking?

De eerste bron van totale suikers is de groep ‘suiker en suikerwaren’, die 18,9 % van de totale suikerinname vertegenwoordigt. Dit betreft vooral toegevoegde suikers. Op de tweede plaats staat fruit, goed voor 17,4 % van de totale suikerinname. Daarna volgen alcoholvrije dranken en de groep ‘melk, melkproducten en plantaardige alternatieven’ met elk 13,8 % van de totale suikerinname. Op de vijfde plaats staat de groep ‘gebak en koekjes’, die 12,9 % van de totale suikerinname bedraagt.

Lees ook: Hoe verlaag ik mijn suikerinname met zoetstoffen?

Vragen over diabetes? Is een gezond gewicht een uitdaging? Of gewoon op zoek naar inspiratie om minder suiker te consumeren?